Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Utrechtse nachtopvang in zelfbeheer krijgt prijs LVT: ‘We staan op gelijke voet met de gasten’

De professionele hulpverlening zet een klant in een hokje, meent beheerder Peter Schuurman van de Nachtopvang in Zelfbeheer in Utrecht. ‘Dan wil je toch niet meer geholpen worden?’ Negen jaar geleden werd de daklozenopvang door ex-daklozen opgericht, en het werd onlangs onderscheiden vanwege haar succesvolle werk. Over vraaggestuurde zorg voor dak- en thuislozen.

‘De daklozen zien er helemaal niet verlopen uit, het is er schoon en gezellig. Eigenlijk lijkt het net een hotel.’ Dat schrijft een scholier na een bezoek met de school aan de Nachtopvang in Zelfbeheer (NoiZ). De reacties van de basisschoolkinderen prijken in de gang van het opvanghuis voor dak- en thuislozen. Sinds twee jaar heeft de NoiZ een eigen pand, een gerenoveerd oud schoolgebouw, aan de Keulse Kade in de Utrechtse wijk Lombok. Tussen de 25 en 33 daklozen kunnen er terecht voor het avondeten, een slaapplaats en een ontbijt. Tegen betaling én je moet voor je plek om één uur ’s middags bellen. Ex-daklozen runnen de nachtopvang en stellen de regels vast voor hun ‘oude maatjes’.

Het was oorlog, in eerste instantie, toen de nachtopvang voor dak- en thuislozen zich in Lombok wilde vestigen. De buurt vreesde nóg meer overlast - er waren al randgroepjongeren en drugsverslaafden. De bewoners waren tégen. ‘We maakten afspraken met de buurt,’ recapituleert Peter Schuurman, beheerder bij het NoiZ. Drie jaar werkt hij nu op een In- en Doorstroombaan als beheerder bij de nachtopvang.
Zelf komt hij van de straat. ‘We zorgden dat overlast door daklozen ook echt werd aangepakt. Het bleek dat het juist veiliger werd, omdat wij onze rondes door de buurt liepen. We hebben laten zien dat we ons aan de afspraken kunnen houden.’

De prijs - een bronzen beeldje van een vrouw zittend op een stoel, een zwaan omarmend - staat te pronken op tafel. Het is een jaarlijkse trofee die door de Landelijke Vereniging voor Thuislozen (LVT) wordt uitgereikt voor zeer verdienstelijk werk aan dak- en thuislozen. ‘Het NoiZ heeft hem gekregen voor de vasthoudendheid in het streven naar een vaste plek voor de nachtopvang,’ volgens Ton de Vries, secretaris van de LVT. ‘En de prijs is een ondersteuning voor de opvang in zelfbeheer in het algemeen. Er is duidelijk behoefte aan een ander soort opvang. Niet van bovenaf geregeld, geen militaire opzet. Maar opvang die is opgezet vanuit zelfwerkzaamheid. Waar je als lotgenoot binnenkomt, niet als klant.’

De vraaggestuurde zorg doet ook bij de dak- en thuislozen zijn intrede, volgens Ton de Vries van de LVT. De dakloze zoekt hulp en zorg die is afgestemd op zijn persoonlijke behoeften. Die behoeften bestaan in belangrijke mate uit het afschudden van het opgeplakte stempel en uit hulp voor de individuele problemen. Of dat een woon- en schuldprobleem is, een maatschappelijk-sociaal probleem of een psychiatrisch- dan wel een verslavingsprobleem. De opvang in zelfbeheer drukt in ieder geval geen stempel op de dakloze. Immers, de beheerders zijn zelf dakloos geweest. ‘Ze spreken de taal van de straat,’ zegt Ton de Vries, ‘en weten hoe ze mensen moeten benaderen, ook als ze agressief, psychotisch en vol met stress zijn.’

Problemen

Maar ook voor individuele hulp kunnen de ervaringsdeskundigen een belangrijke rol spelen. ‘We kunnen de opvang doen, met de klanten praten en ze eventueel doorverwijzen naar zorginstanties. De meest urgente problemen moeten direct aangepakt worden. Met de directe aanpak kun je de doorstroming in de opvang verbeteren.’
Steeds meer kampt de maatschappelijke opvang met dak- en thuislozen die niet een of twee problemen hebben, maar kunnen worden geschaard onder de zogenoemde multiproblem-groep. Uit een nog niet gepubliceerd onderzoek blijkt de agressie in de maatschappelijke opvang een groot probleem te zijn (zie ook: Zorg + Welzijn, pagina 12). Effectieve hulp voor deze mensen is wat ingewikkelder. Dat is ook een argument van Johan Gortworst, adjunct-directeur van de Federatie Opvang, de landelijke koepel van instellingen voor maatschappelijke opvang. ‘De multiproblem cliënten nemen toe. In de opvang komen die mensen met een veelvoud van problemen bij elkaar en dat kan een flinke druk op de ketel zetten. Gedifferentieerde opvang zou een mogelijke oplossing zijn. Maar welke groepen onderscheid je dan? Om een fatsoenlijk bestaan voor die mensen op te zetten heb je een netwerk van hulpverlening nodig. Daar is men mee bezig, bijvoorbeeld door ketenzorg. In een project van de GGD Utrecht worden 30 cliënten gevolgd. Iedere hulpverleningsinstantie bekijkt vanuit de eigen professie welke bijdrage hij kan leveren ter verbetering van situatie van de cliënt.’

Bij de NoiZ komen de ‘zwaardere gevallen’ overigens niet zo snel binnen, volgens Peter Schuurman. ‘Omdat er te veel op ze wordt gelet. Drugs- en drankgebruik is hier verboden en overtredingen worden bestraft.’ Over de problemen van de daklozen wordt overigens weinig gesproken bij de NoiZ. ‘De meesten komen hier voor een bed en voor hun rust. Men probeert hier de problemen juist opzij te zetten.’

Dat de opvang in zelfbeheer een welkome aanvulling kan zijn op de maatschappelijke opvang, bestrijdt niemand. Ook niet de professionele hulpverlening. ‘Vaak werken we prima samen met de professionele maatschappelijke opvang, we verwijzen naar elkaar,’ zegt Ton de Vries van de LVT. Johan Gortworst van de Federatie Opvang: ‘Ik denk dat we dezelfde doelstelling hebben, ook al is de opvang in zelfbeheer ook een vorm van protest: de professionele opvang wordt door daklozen vaak als te betuttelend ervaren.’

Toch wil het lang niet altijd lukken met de opvang in zelfbeheer. ‘Het probleem kan een te grote betrokkenheid van de beheerders bij de lotgenoten zijn,’ verklaart Ton de Vries van de LVT. ‘Als je te weinig distantie neemt, zit je huis voor je het weet vol met lotgenoten die drank en warmte zoeken, en wordt het een janboel, herrie en onderlinge strijd. Door betrokkenen worden de regels nog weleens vergeten. Er moeten duidelijke en herkenbare regels zijn. De ex-daklozen kunnen die heel goed zelf opstellen. Ze weten precies wat er nodig is om te voorkomen dat het een janboel wordt. Verschillende regels in verschillende huizen? Niks op tegen, als het maar functioneert.’
‘We zijn hier met z’n allen de baas en dat werkt heel goed,’ zegt beheerder Peter Schuurman van het NoiZ. ‘We willen juist niet dat er eentje de baas speelt. We zijn collega’s, we weten precies waarop we iemand kunnen aanspreken. Natuurlijk is het moeilijk dat je vroegere vrienden, waarmee je op straat hebt gelopen, de deur moet wijzen als het vol is. Je moet ook stevig in je schoenen staan. Die gasten proberen je gewoon uit. Wij staan op gelijke voet met de gasten hier in de nachtopvang en daarom werkt het ook zo goed. Als er iets wel vervelend is aan de professionele hulpverlening, dan is het dat je in een hokje wordt gezet. Je komt binnen, hebt dat en dat probleem, dan val je onder categorie x. Dan wil je toch al niet meer geholpen worden?’

Peter Schuurman: van dakloze tot beheerder

Schuurman zwierf ruim vijf jaar op straat, nadat hij na een stukgelopen relatie het huis uit liep. Maar het ‘thuislozengevoel’, zoals hij het zelf noemt, begon al op veel jongere leeftijd: ‘Ik voelde me niet thuis bij mijn zwart werkende moeder en mijn zwaar alcoholische vader. Ik voelde me ongewenst. Ik was 12 jaar toen ik dat thuisloze gevoel kreeg. Een watje was ik, werd gepest, deed niks terug. Tot ik één keer wel iets terug deed. Dat veranderde mijn leven. Ik ging spijbelen, op kamers, kreeg een uitkering. Daar kon je leuke dingen mee doen: stappen, kleding kopen, stappen. Maar ik moest ook nog de huur betalen... Ik kwam met illegale zaken in contact, gebruikte funny drugs.
‘Na mijn scheiding kwam ik in een opvanghuis. Maar ik had geen maatschappelijk begeleidbaar probleem, want ik zocht alleen woonruimte. Dus weer uit de opvang. Kwam op straat terecht en later in contact met de NoiZ. Ik vond het leuk me daar nuttig te maken. Maar viel weer terug toen ik in aanraking kwam met pilletjes en heftigere drugs. Ik woonde in een kraakpand; in één maand kwam de eigenaar langs met een honkbalknuppel, ik werd gestoken met een bierfles en het pand werd in de fik gezet. Toen begon ik mij af te vragen: wil ik lol hebben of wil ik mezelf naar de kloten helpen. Ik ben terug gegaan naar de nachtopvang en er uiteindelijk als beheerder uit gekomen. Je moet zo snel mogelijk van de straat af om niet steeds verder in de spiraal naar beneden te raken.’

Carolien Stam

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden