Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

‘Maak gebruik van de trots van bewoners’

Armoedeproblematiek is in de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord geconcentreerder en hardnekkiger dan bijna overal elders in Nederland. De voorbereidingen voor een deelgemeentelijk armoedebeleid stemden projectleider Irene Wiezer somber en optimistisch.
‘Maak gebruik van de trots van bewoners’

Wanneer dit interview plaatsvindt, gaat het de gelijknamige voetbalclub voor de wind. Na jaren  tegenslag doet het eerste elftal weer mee om de strijd voor de landstitel. Voor de bewoners van wijk Feyenoord, ten zuiden van het centrum en de Nieuwe Maas, een ontwikkeling om hoop uit te putten.

Armoedebeleid op deelgemeentelijk niveau is vrij uniek. Waarom is Feijenoord daaraan begonnen? ‘Feijenoord onderscheidt zich door de cumulatie en concentratie van problemen die in verband staan met armoede. Dat is de reden waarom de politiek-bestuurlijke wens is uitgesproken armoedeproblematiek centraal te stellen en van daaruit maatregelen te treffen. Drieëndertig procent van de huishoudens moet rondkomen van een inkomen tot 120 procent van het wettelijk minimumloon. Het gaat om 19.000 mensen. Zesenvijftig procent van hen is afhankelijk van een uitkering. In bepaalde straten is de helft van de huishoudens werkloos. Er zijn dus weinig rolmodellen. En mensen die het beter krijgen, verhuizen uit de wijk.
Onder degenen met een laag inkomen zijn veel alleenstaanden, zowel eenoudergezinnen als ouderen. Meer dan zestig procent van de bevolking is allochtoon en ruim negentig procent van de gezinnen met een laag inkomen is eerste generatie allochtoon. Onder hen zijn veel ouderen met een onvolledige AOW omdat zij niet altijd in Nederland hebben gewerkt. Taalachterstand is hier een van de grootste oorzaken van armoede.Hoopgevend is dat Feijenoord een relatief jonge bevolking heeft. Er is dus voldoende arbeidspotentieel. Jongeren zijn bovendien steeds beter opgeleid.’

Wat zijn de belangrijkste effecten van armoede die u ziet?
‘Als beleidsadviseur praat ik veel met professionals en bewoners(groepen), maar ik kom niet achter de voordeur. Dat maakte het voor mij in het begin lastig om de problemen goed te zien. Mensen noemen hun problematiek niet vaak “armoede”, het is taboe en vaak onzichtbaar. Ik ontleen mijn beeld van wat armoede is op wat ik hoor van professionals die wel achter de voordeur komen: kinderen die maar één paar schoenen hebben en zonder ontbijt naar school gaan, mensen die geen matras of geen meubels hebben, die bijvoorbeeld uitgezet zijn.

Armoede gaat vaak gepaard met psychosociale problematiek. Het is niet eenvoudig op te lossen, je moet veel verschillende dingen tegelijk aanpakken: huisvestingsproblemen, taalachterstanden, gezondheidsproblemen. Daarnaast is er vaak sprake van een soort passiviteit. Mensen die lange tijd in armoede leven of in armoede zijn opgegroeid, lijken niet in staat om zelf actie te ondernemen, zich te ontwikkelen of uit de situatie te vechten. Ze hebben een laag zelfbeeld. Soms zie je schrijnende situaties waarbij je vragen kunt stellen over het bestedingsgedrag. Een kind dat geen winterjas heeft bijvoorbeeld, maar wel een mobiel. Geld dat vanuit een morele plicht naar familie in het land van herkomst wordt gestuurd, terwijl er geen geld overblijft voor dingen die kinderen nodig hebben om zich sociaal te kunnen ontwikkelen. Dat doet pijn aan het hart.’

Lees verder in Zorg + Welzijn Magazine nr 4, april 2012.

Anke Welten/fotografie Eut van Berkum

Gerelateerde tags

3 reacties

  • no-profile-image

    B. Kapteijn

    Hoe groot is het probleem nou werkelijk als het voor 90% eerste generatie immigranten betreft? Jij hebt het zwaar en je kinderen krijgen het beter. Zo gaat dan nou eenmaal vaak.

  • no-profile-image

    Elly Brocken

    In Best hebben wij in 2011 het volgende gedaan: Professionele en vrijwilligersorganisaties die op de een of andere manier deze doelgroep tegenkomen om de tafel (incl. de gemeente Best) Inventarisatie wat iedereen doet, welke knelpunten er zijn waar de blinde vlekken zijn. Vaak blijken al die organisaties van elkaar niet helemaal te weten wat er aan ondersteuning geleverd wordt en wat er nodig is.
    Er zijn werkgroepen geformeerd samengesteld uit de verschillende organisaties. ZIj hebben verschillende knelpunten onderzocht, hebben aanbevelingen gedaan.
    Voorlopig resultaat: Inzet van maatschappelijk werk op locatie voedselbank, verbetering samenwerking soza met prof. organisaties, maatjestrajecten op gebied van adm. ondersteuning zijn gestart, formuliereren zijn vereenvoudigd ,op basisschool aandacht verantwoord omgaan met geld, Welzijn Best OIrschot,
    woningbouwvereniging, maatschappelijk werk gaan de wijken in, 2x per jaar huisbezoeken 75+ op dit onderwerp bijgesteld en actuele sociale kaart t.b.v. professionals.

  • no-profile-image

    Miranda

    Een goede analyse van de problematiek, maar wat gaan ze nu doen!!!.

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden