Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Mannencentrum in Amsterdam: ‘Het draait om ontwikkeling’

Daad-kr8. Het moet een centrum worden waar mannen zich kunnen ontwikkelen. Maar hoe krijg je de doelgroep over de drempel? Kwartiermaker Doortje Schroevers: ‘Het is prima als iemand hier eerst eens een kop koffie drinkt, maar daar moet het niet bij blijven.’
Mannencentrum in Amsterdam: ‘Het draait om ontwikkeling’

Mahjoub Slimane, in het dagelijks leven medewerker technische dienst, heeft een probleem. Bij zijn stichting Toudgha lopen zeker twintig mannen rond die het zat zijn om stil te staan, om op de bank te blijven zitten, om hun leven in isolement te leven. Ze zijn het zat, ze willen zich ontwikkelen. Door een EHBO-cursus te volgen, of aan hun Nederlands te werken, of te leren hoe ze hun kinderen kunnen begeleiden bij hun schoolkeuzes. Slimane - een goedlachse, tengere man van middelbare leeftijd - helpt ze graag. Maar hij heeft dus dat probleem: plannen genoeg, maar in het stadsdeel waar hij en zijn stichting zijn gevestigd, is vooralsnog geen plek om die plannen uit te voeren.

Hij is, op advies van stadsdeel Nieuw-West, het centrum aan de Meer en Vaart in Osdorp binnengelopen. Een vroegere moedermavo, die anno 2010 dienst doet als locatie voor mannen die zich willen ontwikkelen. Slimane kijkt zijn ogen uit. Zo’n pand zou hij ook wel willen. Maar misschien dat hij tot die tijd met zijn mannen ook hier onderdak kan vinden?

Veelzeggend
Doortje Schroevers, kwartiermaker projecten bij de Amsterdamse welzijnsorganisatie Impuls, hoort het verhaal van Slimane vriendelijk aan. Lang nadenken over zijn verzoek is niet nodig: zijn mannen zijn precies het soort waar zij naar op zoek is.
Twee weken eerder werd het mannencentrum geopend. Daarbij kreeg het nog naamloze centrum, geheel opgeknapt door vrijwilligers die ook vandaag hard aan het werk zijn, een veelzeggende naam: daad-kr8. De stadsdeelvoorzitter hield een mooie toespraak, overal hingen ballonnen, op tafel stonden bloemen. Nu de doelgroep nog binnenkrijgen.

Dan helpt het als de deurbel het doet, zegt Schroevers lachend als vrijwilliger John Meerzorg aan komt lopen met in zijn hand een nog niet helemaal goed functionerende bel. Een detail. Want Schroevers staat voor grotere uitdagingen dan een bel gerepareerd krijgen. Die doelgroep binnenkrijgen? Dat gaat niet vanzelf.

In alle wijkkrantjes werd melding gemaakt van het nieuwe initiatief. Met de bewegwijzering zit het ook wel goed. Maar de doelgroep is wantrouwig, weet Schroevers uit ervaring. Ze merkte dat ook weer toen ze met haar vrijwilligers de wijk in trok om mannen op straat te enquêteren over hun behoeftes, en ze te vertellen over het nieuwe centrum. ‘Bij die mannen heerst een groot wantrouwen tegen alles wat zij zien als instanties - soms ook terecht. Het duurt soms een halfuur voor je iemand überhaupt bereid vindt om een enquête in te vullen.’ Juist daarom is ze vandaag zo blij met de komst van Mahjoub Slimane. Het moet het begin zijn van een sneeuwbaleffect.

Zelfvertrouwen

‘Mond-tot-mondreclame werkt het best.’ Samenwerking met andere partijen staat sowieso hoog op haar prioriteitenlijstje. ‘We zullen bestaand aanbod niet nóg een keer aanbieden. En hulpverlening, bijvoorbeeld bij psychische klachten, laten we aan experts over. Maar we kunnen hier wel aan het zelfvertrouwen van mannen werken.’
Dat daar behoefte aan is, daar twijfelt ze niet aan. Ze hoort het dagelijks, bijvoorbeeld van deelnemers aan ‘Mannen Hogerop’, een project dat ze voor Impuls draaide. Daar hoorde ze ook wáár mannen behoefte aan hebben: van hulp bij financiën tot hulp bij opvoeding.

Het is een taak voor daad-kr8 om in die behoefte te voorzien. Ook daarom moet het centrum laagdrempelig zijn, en een onderkomen bieden aan alle mannen die zich willen ontwikkelen. ‘Daad-kr8 is er nadrukkelijk niet alleen voor allochtone mannen. Iedereen die zich wil ontwikkelen, die wil participeren, is welkom. We proberen dat te bereiken door oog te hebben voor de drie o’s: ontspanning, ontmoeting, en ontwikkeling. Dat laatste is essentieel, want hoe iemand ook binnenkomt, uiteindelijk draait het om de ontwikkeling. Het is prima als iemand hier eerst eens een kop koffie drinkt, maar daar moet het niet bij blijven. Iedereen moet hier stappen maken.’

Al die mannen, van verschillende komaf - zodat ook daarmee duidelijk wordt dat het centrum van iedereen is - hebben volgen Schroevers verschillende kwaliteiten. ‘Ze hebben thema’s genoemd die zij belangrijk vinden. Vervolgens hebben wij gekeken hoe zij daar zelf mee aan de slag kunnen gaan.’

Geologie
John Meerzorg, die de bel inmiddels heeft gerepareerd, is zo’n vrijwilliger. Hij leerde Schroevers kennen bij ‘Mannen Hogerop’. Hij heeft een schat aan ervaring in de commercie, en is tegenwoordig sociaal-juridisch medewerker. In daad-kr8 hoopt hij zijn kennis over te dragen op andere mannen. ‘Maar ik wil er zelf ook iets van opsteken. Door hier voor groepen te staan, wil ik mezelf beter leren presenteren.’
Ook M’hamed Ben Ali, een andere vrijwilliger, wil zich in daad-kr8 op sociaal gebied ontwikkelen. Hij studeerde geologie in Marokko, maar had in Nederland moeite bij het vinden van een baan. ‘Toen ik naar Nederland kwam, voelde het alsof ik opnieuw geboren werd. Ik moest alles opnieuw leren. Met de ervaringen die ik heb opgedaan, kan ik andere mannen helpen. Maar ik hoop ook wat te leren van de ervaringen van de bezoekers. En ondertussen kan ik mooi werken aan mijn sociale vaardigheden.’

Vrouwen
Schroevers hoort het tevreden aan. Nee, aan die vrijwilligers zal het niet liggen. Maar wanneer is daad-kr8 voor haar een succes? ‘Kwaliteit en niet kwantiteit staat daarbij voorop. Natuurlijk willen we zoveel mogelijk bezoekers, maar het belangrijkste is dat we hier straks een centrum hebben waarvan mannen weten dat ze er vooruit komen. En daarbij is het ook de bedoeling dat ze hun gezinnen en vrouwen meenemen in hun persoonlijke groei.’
En ja, Schroevers weet best dat in sommige kringen met argusogen naar een centrum als daad-kr8 zal worden gekeken. ‘Als ik tegen bekenden zeg wat ik aan het doen ben, dan word ik wel eens vreemd aangekeken. “Waarom is dat nodig?”, “Waarom moeten die mannen een apart centrum krijgen?”, “Waarom moet het weer gescheiden van de vrouwen?” Maar de mannen die hier straks komen, zijn echt achtergebleven, en ze willen nu vooruit. Als meneer Wilders dit centrum een “linkse hobby” zou noemen, dan zou ik zeggen: kom eens langs. Dan kan hij zelf zien hoe mensen hier groeien. En vrijwilligers kunnen we ook prima gebruiken, dus ja: laat hem vooral eens langskomen.’

Dit artikel staat in Zorg + Welzijn Magazine nr 10, oktober 2010.

Patrick Pouw fotografie Diederik van der Laan

Gerelateerde tags

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden