Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Cokkie Suttorp, coördinator Welvada: ‘Het bijzondere zit vaak in het gewone’

Al zesentwintig jaar werkt Cokkie Suttorp (53) in wijkcentrum De Pomhorst in Wageningen. In die jaren zag zij de kloof tussen rijk en arm wel veranderen, maar niet verdwijnen, zag hoe het steeds moeilijker wordt om vrijwilligers te werven. Toch blijft ze het leuk vinden om zich voor mensen in te zetten.
Cokkie Suttorp, coördinator Welvada: ‘Het bijzondere zit vaak in het gewone’



Door Herman Keppy - ‘Het was in de begintijd best wennen in Wageningen, ik kom oorspronkelijk uit Rotterdam. Via mijn stage van de toenmalige HBO-J ben ik daar in een buurthuis terechtgekomen, in het Oude Westen, bij de Kruiskade. Ik heb er na mijn afstuderen ook gewerkt. Je kwam er met allerlei soorten mensen in aanraking, zo leuk, al zaten er soms halvegaren tussen. Ik ben daar zelfs eens met een mes bedreigd. Vreselijk, als ik daar nog aan denk. Toch heb ik er echt met heel veel plezier gewerkt. Uiteindelijk ben ik mijn man gevolgd naar Wageningen.’

‘De mentaliteit van de mensen hier is heel anders en een wijk in Rotterdam is veel groter dan een wijk in Wageningen. In een kleine gemeente heb je eerder stedelijke contacten, die verder gaan dan de wijk. In Wageningen is er bijvoorbeeld maar één bibliotheek. Die staat niet in mijn wijk, maar uiteraard heb ik wel contact met die bibliotheek.’

‘Omdat het hier kleiner is, ken je ook een aantal mensen van de gemeenteraad en het bestuur. Je komt elkaar gewoon tegen, bij verschillende gelegenheden, wat in de grote stad niet zo snel zal gebeuren. Die brede contacten zijn enerzijds wel leuk, anderzijds is het soms lastig omdat dat het gevoel geeft dat er zo op je gelet wordt. Om nog maar eens een andere grootstedeling aan te halen: “Elk nadeel hep zijn voordeel”. Mijn werk is veelzijdig en gevarieerd, wat natuurlijk een voordeel is, maar het is soms moeilijk om je ergens op te focussen, dit eerst dan dat. Je bent dus ook nooit klaar en neemt je werk mee naar huis.’

Trends
‘Ik ben degene die alles in en rond wijkcentrum De Pomhorst regelt, zodat alles hier draait. Ik moet me bewust zijn van de tijd waarin wij leven. Tja, je  kan wel een cursus kleien organiseren, maar tegenwoordig trek je daar geen publiek meer mee. Je moet de trends in de gaten houden en weten wat er in de wijk speelt. Vroeger was ik de “coördinator wijkcentrum”, maar nu is de benaming: “projecthouder”.’

‘Wijkcentrum De Pomhorst is een voorziening voor en door iedereen in de buurt, van 0 tot 100 jaar. Er is een peuterspeelzaal, kinderwerk en volwassenenactiviteiten; ’s avonds kan je bijvoorbeeld naar conditietraining of buikdansen. En kinderen kunnen hier leeftijdgenoten ontmoeten en samen leuke dingen doen. Het bijzondere zit vaak in het simpele. Gewoon iets leuks doen, een positieve ervaring hebben, is belangrijk. Sterker, het is onmisbaar voor mensen! Het is leuker om iets met en voor anderen te doen dan in je eentje thuis te zitten kniezen en door te wroeten in negatieve gevoelens. Je kunt hier ook schitteren. Neem het wijkfeest. Sommige deelnemers, waarvan je het helemaal niet verwacht, zetten zich enorm in om voor de buurt een wijkfeest te organiseren. Het is  belangrijk dat mensen zo’n kans krijgen om zich te kunnen ontplooien en ik zie het als mijn taak om hen daar in te ondersteunen. Het is zo belangrijk dat je ergens voor wordt gewaardeerd.’


Preventief
‘Het werk dat ik doe is grotendeels preventief. Het voorkomt, volgens mij, isolement en uitzichtloosheid van problemen doordat het mensen de kans geeft talenten te ontplooien waarvan ze soms niet wisten dat ze die bezaten.’
‘Preventief werk valt natuurlijk lastig te meten. Hoe kun je het directe bewijs leveren dat situaties voorkomen of verbeterd zijn als gevolg van jouw werk en inzet? Pas op lange termijn zijn de gevolgen eventueel waarneembaar. Tegenwoordig is het parool “meten is weten” en ook nog voor de korte termijn. Dit werk is niet te vergelijken met een commercieel bedrijf, met makkelijk meetbare producten, waar het resultaat in financiële winst te meten is. Hallo, het gaat om welzijn van de mensen; de meetmechanismen zijn veel moeilijker te bepalen.’

‘Ik kan goedlopende activiteiten organiseren, maar er zijn ook doelgroepen die haast niet zijn te bereiken. Die mensen zitten wel thuis, in een behoeftige of onprettige situatie. Daar moet je dus wel aandacht aan besteden en tijd voor programmeren. Voor de ene groep geldt dus dat je er honderd mag of kunt hebben, bij de andere situatie moet je blij zijn met vijf of tien mensen. Dat maakt het ingewikkeld. Zie het niet als een excuus, want ik vind wel dat wanneer je een beroep moet doen op subsidies en fondsen, men het recht heeft om te vragen wat de resultaten zijn. Hoe de gemeente of anderen daar toch inzicht in zouden kunnen krijgen? Ik denk door vaker op bezoek te komen bij het wijkcentrum en met de klanten te praten of een tevredenheidsonderzoek te houden. Wij toetsen zelf ook zoveel mogelijk of iets loopt of niet en of het aansluit bij de behoefte. Je moet voeling met de mensen houden, anders komt er geen kip.’
 
Krajicek-veldje
‘Achter het wijkcentrum lag een verwaarloosd speelveld. Het was of een modderpoel of een zandwoestijn. Een groep jongens was het op een gegeven moment zo zat, want zij konden nergens voetballen en werden overal weggestuurd door de politie. Via De Pomhorst hebben wij ze geholpen om een handtekeningenactie te houden, waar de gemeente eerst niet op reageerde. Toen hebben ze een brief naar de Richard Krajicek Foundation gestuurd. Die stelde wel een flink startbudget ter beschikking, dat door de gemeente verder moest worden ingevuld. Toen kwam de financiële steun van de gemeente wel en is er een Kraji-cek-veldje gekomen (altijd bespeelbaar kunstgras), waar dagelijks wordt gesport en jongeren zich dus op een positieve manier kunnen uitleven.’

‘Om ze nog meer te betrekken bij dat veldje, is er onder auspiciën van Welvada (de overkoepelende welzijnsorganisatie) een sportcoachproject gerealiseerd waarbij een aantal van deze jongens, vooral allochtonen, onder begeleiding en tegen een vakkenvullersvergoeding, de kans krijgen om de iets jongere jochies te coachen in sport en gedrag. Voor de coaches is het werk met alle verplichtingen van dien en de jochies krijgen begeleiding van jongens tegen wie ze opkijken. Alle betrokkenen leren daar ontzettend veel van. Ik ben er heel trots op dit mede in gang te hebben gezet.’

Goodwill
‘In dit werk ben je heel afhankelijk van je contacten en je goodwill. Die pr-functie is soms moeilijker uit te oefenen dan in het commerciële bedrijfsleven. Geld heb ik niet zoveel, dus ik zal het op een andere manier moeten doen. Reclame maken, folders, flyeren, verzin het. Ik denk daar veel over na: hoe bereik ik mijn mensen, welke doelgroep heb ik voor ogen?’

‘De maatschappij is veranderd. Er zijn minder vrijwilligers vooral doordat veel meer vrouwen tegenwoordig betaalde banen hebben en ik vind dat de kloof tussen arm en rijk op een andere manier nog altijd heel erg zichtbaar is. Het blijft nog steeds leuk om telkens heel verschillende mensen te ontmoeten. Mensen blijven me altijd maar verrassen. Dat is mijn grootste drijfveer, naast het feit dat ik vind dat een goedlopend wijkcentrum in de buurt bijdraagt aan het welzijn van de mensen. Het bijzondere zit hem vaak in het gewone, maar je moet het willen zien.’

‘Laatst komt er een jongetje binnen en die zegt – wij hadden in de crocusvakantie een uitstapje gemaakt: “Cokkie, als je op vakantie gaat en we betalen je twee euro vijftig, mogen we dan met je mee?” Dat vind ik geweldig.’

Dit artikel staat in Zorg + Welzijn Magazine nummer 2, februari 2009.

Bron: Foto: Claudia Kamergorodski

Herman Keppy/Foto: Claudia Kamergorodski

Eén reactie

  • no-profile-image

    anja hitsert

    Ik ben anja hitsert coordinator van 3 wijkcentra in Westland. De welzijnsstichting SWW waar ik voor werk bevindt zich in een grote omslagperiode naar welzijn nieuwe stijl.Ik zou graag eens in contact komen met mevt Suttorp. Zij heeft een brok ervaring in wijkgericht werken en vele vragen voor haar. Is hiet een mogelijkheid voor?

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden