Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

‘Autonomie in de GGZ schiet door’

‘Als de ggz-patiënt niks wil, dan doen wij ook niks.’ Dat gaat psychiater en hoogleraar Bert van Hemert te ver. Hij pleit in zijn oratie voor een ambulante hulpverlener die op zoek gaat naar de zogenoemde zorgmijders. Volgens Van Hemert wordt het zorgaanbod in de ggz te veel gedomineerd door ‘de autonomie van de patiënt’, waardoor mensen ernstig verwaarlozen, vereenzamen of verslaafd worden.
‘Autonomie in de GGZ schiet door’

Door Carolien Stam - GGZ-patiënten die zelf geen zorg zoeken, de zogenoemde zorgmijders, moet een nieuwe vorm van intensieve hulp worden aangeboden. Deze groep van 10 tot 15 procent van de GGZ-patiënten wordt niet bereikt door huisarts of GGZ-instelling. Omdat die ervan uitgaan dat patiënten zelf om hulp moeten vragen. Dat stelde psychiater Bert van Hemert, hoogleraar in de epidemiologie van de openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ), vrijdag in zijn oratie aan het Leids Universitair Medisch Centrum LUMC.

Verkommeren
Van Hemert, ook hoofd crisiszorg bij de Parnassia Bavo Groep in Den Haag, houdt zich bezig met zorgmijdende groepen. Het gaat om mensen met vaak ernstige en meervoudige psychiatrische problematiek, die door de Geestelijk Gezondheidszorg onvoldoende worden bereikt. ‘Deze mensen roepen vooral bezorgdheid op. Ze geven overlast of verkommeren achter de voordeur. Omdat ze zelf geen hulp zoeken, zijn ze niet in beeld bij psychiaters, maar vaak wel bij instanties als de politie of de woningbouw.’ Hij wil deze groepen beter in kaart brengen en ook beter aan de zorg binden.

Balans
In zijn oratie stelt de hoogleraar dat de GGZ-sector te veel vasthoudt aan het principe van zelfredzaamheid. ‘Het zelfstandig functioneren in de samenleving is een algemeen gehuldigd principe', aldus Van Hemert. ‘Dat autonomieprincipe houdt in dat wij de zorg niet dwingend naar de mensen toe willen brengen. Als de patiënt niks wil, dan doen wij ook niks. Wij moeten een balans vinden tussen enerzijds de autonomie en anderzijds de menswaardigheid.'

Includerende zorg
De hoogleraar wil naar een nieuwe vorm van ambulante zorg, waarbij de hulpverlener actief op zoek gaat naar de patiënt, ook al is die daar zelf niet naar op zoek. Hij noemt deze zorg 'includerende zorg', waarbij niet de hulpvraag, maar de probleemsituatie leidend is voor het zorgaanbod.

Autonomieprincipe
Dat de zorg voor zorgmijders te weinig ontwikkeld is, komt volgens de hoogleraar door de dominantie van het autonomieprincipe en de vermaatschappelijking van de zorg. De teneur in de ggz is om mensen met een lichamelijke of geestelijke handicap zo veel mogelijk te ondersteunen om een zelfstandig bestaan te leiden. ‘Als uitgangspunt is dat natuurlijk een goede zaak, maar de prijs is wel dat kwetsbare mensen in de samenleving de weg kwijt kunnen raken en verzeild kunnen raken in situaties van ernstige verwaarlozing, vereenzaming of verslaving.’

Bedden
De oplossing zoekt Van Hemert niet in meer bedden in de GGZ. ‘Van het totale budget van de GGZ gaat twee derde naar de bedden, terwijl daar maar 10 procent gebruik van maakt. Dit heeft tot gevolg dat de ambulante zorg ernstig verschraalt en dat is in de praktijk ook goed voelbaar. In de praktijk van de GGZ-zorg behoort het uitvoeren van huisbezoek feitelijk niet meer tot de mogelijkheden. Ambulante zorg wordt in toenemende mate zorg waarin alleen de patiënt ambulant is.’

Meer weten? Lees dan ook de gratis Zorg + Welzijn Nieuwsbrief. Daarvoor kunt u zich hier aanmelden.

Bron: ANP/ foto: ANP/Robin Utrecht

Carolien Stam

3 reacties

  • no-profile-image

    David Pieper

    Vele instanties helpen om weer zelfstandig te funktioneren. In de praktijk betekent dit: opvang, helpen aan een zelfstandige woning met begeleiding. Mijn ervaring is dat veel mensen met een psychische problemathiek (waaronder mijzelf) dit niet aankunnen. Vereenzaming en verkommering in een zelfstandige woonsituatie is voor veel alleenstaande een probleem. Toen ik wederom in deze situatie kwam vroeg ik hulp en wist niet wat ik wilde. Het gevolg was een begeleiding naar een zelstandige woonsituatie met een beperkte sociale omgang. Probleeem opgelost zou je denken. De tijd welke ik alleen in mijn huis doorbracht werd mij te zwaar en het lukte mij niet om buitenshuis mijn sociale netwerk op te bouwen. Wederom wendde ik mijn tot de hulpverlening met een sterke wil en een plan: een plek in een woonwerkgemeenschap met als voorbeeld de zorgboerderij. Het werk is om je heen, je bent niet meer alleen. De behoefte om je terug te trekken kan worden ingelvuld door een kamer voor jouw alleen. Probleem opgelost zou je denken. De praktijk is vooralsnog anders. Intakes aanvragen duren lang, laatstaan de wachtlijsten.

  • no-profile-image

    Rita van Maurik

    Een reactie vanuit de praktische kant, direct na het lezen van het artikel.

    De oproep van Bert van Hemert is mij uit het hart gegrepen. Door het adagium in de GGZ 'De regie bij de client', dreigen de zorgwekkende zorgmijders uit de boot te vallen, zeker als er bijna of geen naastbetrokkenen meer zijn die zich om deze zorgmijder bekommeren. Zelf ben ik ruim 1,5 jaar bezig geweest om mijn zoon weer in zorg te krijgen. Helaas was hij inmiddels in aanraking geweest met justitie en is nu bij forensische psychiatrie in behandeling. Die werken niet outreachend, als zorgmijder moet hij iedere week weer ruim 12 kilometer reizen naar zijn afspraak. Wat is hier toch in godsnaam aan de hand? Is het niet mogelijk om binnen een GGZ-instelling over de schotten heen te kijken en zo te handelen in het beste belang van de client en zijn naastbetrokkenen? In dit geval is het beste belang: naar de zorgmijder toe. Niet roepen 'het is zijn/haar verantwoordelijkhkeid en als hij/zij niet komt zijn de gevolgen voor hem/haar', veel clienten in de GGZ kunnen die verantwoordelijkheid niet (meer) aan.
    Luister ook beter en meer naar de naastbetrokkenen van deze groep clienten.

  • no-profile-image

    jennifer mulder

    Aan het eind van het Darwin-jaar, keert er eindelijk weer een visie terug die de "struggle of the fittest" terug brengt naar de menselijke maat.
    Mijns inziens heeft de zwakke, niet zo passende mens, een innerlijke mens-ontwikkeling die net zo belangrijk is als de ontwikkeling van de hulpverlener, die door de zorg aan de ander zichzelf ontdekt. Alles ontstaat uit het zelfde, maar wordt gevormd door de interacties tijdens het leven met elkaar. Uitsluiting is een strategie die voortkomt uit angst.

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden