Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Stadse daklozen tussen de koeien. Rotterdam zet in op intensieve hulp en begeleiding

Bijna alle 2900 Rotterdamse daklozen zitten in een hulptraject. De ingezette persoonsgerichte benadering lijkt te werken. Eén onderdeel is tijdelijke opvang op een boerderij in het Gelderse dorp Hummelo. ‘Er zijn hier geen dealers.’
Stadse daklozen tussen de koeien. Rotterdam zet in op intensieve hulp en begeleiding

Door Ana Karadarevic / Foto Ronald Hissink - In Rotterdam leven steeds minder mensen op straat. Drie jaar geleden waren het er volgens de lokale GGD zo’n 2900, waarvan velen verslaafd aan alcohol of drugs, lijdend aan een psychiatrische aandoening of met schulden. En vaak met een combinatie van deze problemen. Het toenmalige college, onder leiding van Leefbaar Rotterdam, greep in 2006 in. Sindsdien stelt de gemeente als voorwaarde voor toegang tot de nachtopvang dat daklozen deelnemen aan een hulptraject. Inmiddels krijgen 2700 dak- en thuislozen een of andere vorm van hulp, nu onder aanvoering van PvdA-wethouder Jantine Kriens.
Dat betekent niet dat alle daklozen nu vrij van problemen door het leven gaan, maar er wordt wel gewerkt aan mogelijke oplossingen. Een kleine tweehonderd daklozen ontvangen nog geen hulp. Dat is de groep hardnekkige zorgmijders, volgens de GGD in Rotterdam. Wel hebben hulpinstanties deze groep zo ver gekregen dat zij niet meer op straat slapen, maar in de nachtopvang.

Normaal leven
Ook voor 2006 bestond er al hulp voor daklozen. Het belangrijkste doel was toen de verslaafden onder hen te laten afkicken. Nu werken de instanties in de havenstad samen om daklozen zo veel mogelijk een normaal leven te laten leiden. Dat betekent: een dak boven het hoofd, in redelijke gezondheid en met zinvolle dagbesteding. Zorginstellingen, deelgemeenten, woningcorporaties en de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid – om er maar een paar te noemen – werken samen om iets te doen aan de schulden en de psychiatrische problemen waar daklozen mee kampen.

Sinds 1 januari 2005 is er één loket, Centraal Onthaal, waar hulpbehoevende daklozen terechtkunnen. Van iedere dakloze wordt de individuele situatie in kaart gebracht. Dat leidt tot het opstellen van een zorgcontract. Daarin staat beschreven welke ondersteuning en zorg er nodig is, wie die gaat bieden en welke tijdsafspraken daarbij horen. Ook is erin genoteerd welke inspanning van de dakloze zelf wordt verwacht. De Federatie Opvang, de nationale koepel van opvanginstellingen, prijst de gemeente hierom.

Onrustig
Een onderdeel van de Rotterdamse benadering is het verblijf van tientallen daklozen per jaar buiten de stad. Dit kan bijvoorbeeld in het dorp Hummelo. Op een boerderij vangen Stichting Het Passion en Stichting Ontmoeting daklozen met een alcohol- of drugsverslaving op. Zij kiezen er vrijwillig voor om naar de Achterhoek te gaan, maar dat maakt het er niet makkelijker op. Een belangrijke regel is namelijk dat er geen drank of drugs mogen worden gebruikt. ‘Sommigen zijn zo onrustig, dat ze met het eerstvolgende busje dat daklozen uit de stad komt afleveren weer terug naar Rotterdam willen’, zegt Piet van Pelt, directeur van Stichting Het Passion. ‘Gelukkig zijn dat de uitzonderingen. Verreweg de meeste gasten blijven gemiddeld zes weken.’

Het contrast tussen Rotterdam en Hummelo is groot. In plaats van naar grijze hoogbouw, kijken de voormalig daklozen nu naar appelbomen. Slapen doen ze niet meer op straat, maar in verbouwde stallen. Het Passion biedt de gasten, zoals de daklozen er worden genoemd, een time-out, zodat zij buiten de hectische stad kunnen nadenken over hun toekomst.
De dertiger Juan is een van hen. De Rotterdammer van Kaapverdische afkomst oogt ontspannen. Tot enkele weken geleden zwierf hij nog op straat en nam regelmatig verdovende middelen. ‘Hier is het rustig man, heel anders dan in de stad. Er zijn geen prikkels waardoor ik weer ga drinken of drugs gebruiken.’

Meiden van de Keileweg
De ommekeer in de Rotterdamse daklozenaanpak kwam toen het toenmalige college van burgemeester en wethouders besloot om de tippelzone aan de Keileweg te sluiten. In een deel van de wijk Spangen leidde de aanwezigheid van aan heroïne verslaafde prostituees tot veel overlast, onder meer omdat de Keileweg veel drugsdealers aantrok. In september 2005 ging de beruchte straat dicht voor prostituees. Omdat veel van deze vrouwen kampten met psychische en lichamelijke problemen, ontfermden instanties in de stad zich over hen. Zij spannen zich sindsdien in om ervoor te zorgen dat de vrouwen een zo normaal mogelijk leven kunnen leiden. Die werkwijze is onder het nieuwe college vertaald in een plan van aanpak om alle dak- en thuislozen in Rotterdam van straat te halen.

Veel ‘meiden van de Keileweg’ kwamen terecht in intensief beschermde woonvoorzieningen (IBW’s). Hierin werken Bouman GGZ, woningcorporaties en deelgemeenten samen. In deze IBW’s hebben sinds de start 300 mensen gewoond. Nu herbergen de panden zo’n 150 voormalig daklozen in gewone wijken. Hulpverleners bieden hen 24 uur per dag begeleiding op het gebied van wonen, werken en sociale vaardigheden.
Aanvankelijk woonden alleen de voormalige prostituees in de woonvoorzieningen, inmiddels zijn de dakloze mannen in de meerderheid. In een recent verschenen evaluatie is Bouman GGZ positief over de IBW’s. De bewoners hebben er baat bij én zij veroorzaken geen overlast meer. Bovendien, aldus de ggz-instelling, worden er buiten de IBW’s banen gecreëerd voor de bewoners – op verzoek van de voormalig daklozen zelf. Een voorbeeld is de De Workflow. Afgelopen zomer startte dit leerwerkbedrijf, waar bedrijven werk kunnen uitbesteden aan daklozen.

Illegalen
Er is ook kritiek op de Rotterdamse aanpak. De stad zou illegalen, onder meer uit Oost-Europa, negeren. De gepensioneerde dominee Hans Visser, die zich al decennialang inzet voor daklozen in Rotterdam, heeft uit onvrede met het beleid de Stichting Ondersteuning Stemlozen opgericht. Die neemt het op voor dakloze illegalen.
Volgens de Federatie Opvang wijzen opvangplekken in de havenstad daklozen uit andere steden de deur. ‘Wij vinden dat iedere dakloze terecht moet kunnen in de nachtopvang’, zegt woordvoerder Johan Gortworst. ‘Veel daklozen hebben per definitie geen binding meer met de gemeente waar ze oorspronkelijk vandaan komen.’
Marijke de Vries, programmamanager bij de GGD Rotterdam en coördinator van de hulp, erkent dat er een groep daklozen is die geen hulp krijgt. ‘Wij stellen regiobinding als voorwaarde. Ofwel: daklozen moeten in de afgelopen drie jaar in de nachtopvang zijn geweest of door politieagenten zijn gespot. Bovendien mogen we geen hulp verlenen aan mensen die illegaal in Nederland verblijven. Dat hebben we nu eenmaal zo afgesproken met staatssecretaris Albayrak.’

Discotheek
De in Hummelo verblijvende Juan wil niet meer terug naar de grote stad. ‘Ik wil in de toekomst begeleid gaan wonen, maar ik weet nog niet waar. Misschien blijf ik hier in de buurt.’ Hij is ervan overtuigd dat hij in Rotterdam geen gewoon leven kan leiden. ‘Ik ben een paar keer opgenomen geweest in afkickklinieken. Maar zodra ik in Rotterdam was, ging het weer mis. ’s Avonds zag ik de lichtjes in de stad, ging ik naar een discotheek en dan dronk ik weer.’ In de Achterhoek heeft hij geen vrienden met wie hij op stap kan om dronken te worden. En ook geen dealers. Bovendien vindt de Rotterdammer sinds kort rust dankzij het christendom.
De naam van de stichting, Het Passion, is een woordspeling op ‘pension’ en een samentrekking van de bijbelse begrippen ‘passie’ en ‘Sion’. Van Pelt: ‘Dit is geen evangelisatieproject, maar we werken wel vanuit de christelijke overtuiging en opdracht om onze naasten te helpen.’ Christen zijn is geen voorwaarde om deel te nemen aan het project
Stichting Het Passion heeft wel veel te danken aan het christelijke netwerk van directeur Piet van Pelt en zijn vrouw Heleen. Zij ontvangen veel financiële steun van particulieren en kerken. Regelmatig verblijven vrijwilligers met een kerkelijke achtergrond een midweek bij het project om te helpen. De professionele zorg komt van medewerkers van Stichting Ontmoeting.

Gehalveerd
De kosten van de hulp aan daklozen in Rotterdam bedragen in totaal zo’n 80 miljoen euro per jaar en worden betaald uit de AWBZ. Veel geld, erkent GGD-projectleider Marijke de Vries. ‘Maar de aanpak levert ook veel op. Het aantal overtredingen en misdrijven door daklozen is met 75 procent afgenomen.’
Een dakloze verslaafde kost jaarlijks ongeveer 100.000 euro aan inzet van politie, justitie, gemeente en gezondheidszorg, berekende Bouman GGZ. Volgens de instelling kan dit bedrag worden gehalveerd als opvang, begeleiding en behandeling beter zijn geregeld. De Vries hoopt dat de bezuinigingen die het kabinet moet uitvoeren de daklozenaanpak niet zullen treffen. Want ook de laatste tweehonderd daklozen die nog niet in een hulptraject zitten, moeten worden bereikt. Als het aan de gemeente ligt nog dit jaar.

Dit artikel staat in Zorg + Welzijn Magazine nummer 10, oktober 2009.

Ana Karadarevic / Foto Ronald Hissink

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden