Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

‘Het contact met de cliënt blijft de basis’

Marianne Heestermans (59) is orthopedagoog en GZ-psycholoog bij ASVZ en geldt als deskundige op het gebied van seksueel misbruik bij verstandelijk gehandicapten. ‘Ik heb momenten gehad dat ik dacht: laat ik maar gaan bloemschikken.’
‘Het contact met de cliënt blijft de basis’

Door Ephraïm Patty - ‘Voor mij is het een bewuste keuze geweest om met verstandelijk gehandicapten te werken. Ik vind het gewoon ontzettend leuke en boeiende mensen. Het gaat ook nooit zoals je denkt. Wat ik misschien wel het meest interessante vind, is om er via de diagnostiek naar te zoeken hoe iemand denkt. Op dit moment werk ik bij ASVZ, een organisatie voor zorg- en dienstverlening aan mensen met een verstandelijke beperking. Daar werk ik vierentwintig uur per week en ik werk acht uur per week voor Carante, de overkoepelende organisatie waar ASVZ bijhoort. De kennis die ik in mijn loopbaan opgedaan heb op het gebied van diagnostiek en behandeling van verstandelijk gehandicapten, probeer ik nu over te dragen aan pedagogen en psychologen.Daarnaast zit ik alweer zo’n twaalf jaar in de deskundigenpool van politie en justitie. Als verstandelijk beperkten slachtoffer zijn, verhoren we ze. Ik verzorg er ook verdiepingscursussen voor het OM en rechters. Verder geef ik geregeld cursussen. Ik houd wel altijd een dag per week vrij voor cliënten. Zonder dat contact is mijn werk niet leuk. En zij zijn en blijven natuurlijk de basis voor al mijn andere werk.’

‘Ik begon niet in de zorg met het idee om me specifiek met seksueel misbruik bezig te houden. Maar verstandelijk gehandicapten vond ik altijd al erg intrigerend. Waarom? Vrienden van mijn ouders hadden een kind met het syndroom van Down, daar was ik als kind enorm door geboeid. Misschien heeft dat iets met mijn fascinatie te maken. Waar anderen tijdens hun studie een bijbaantje hadden in een kroeg, verdiende ik wat bij door in zorginstellingen met verstandelijk beperkten te werken.In 1979 rondde ik mijn studie Orthopedagogiek af aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Toen heette het trouwens nog niet Orthopedagogiek, maar ‘Zwakzinnigen’. Twee jaar daarna ben ik fulltime met verstandelijk beperkten in de zorg gaan werken en ik ben er nooit meer uit weggegaan.’

Misbruik
‘Een jaar of vijftien geleden werkte ik bij het orthopedagogisch centrum OPL. Daar vermoedde ik dat er sprake was van seksueel misbruik bij een van mijn cliënten. Hierop benaderde ik de RIAGG, maar het enige wat ik te horen kreeg was: ‘Geef haar maar wat pillen.’ Sindsdien ben ik me gaan verdiepen in de diagnostiek en behandeling van slachtoffers en plegers met een verstandelijke handicap.Er zijn helaas geen cijfers bekend over de huidige situatie in Nederland, maar de Amerikaanse cijfers liegen er niet om. Die geven aan dat er meer misbruik plaatsvindt bij verstandelijk gehandicapten dan bij normale mensen. De Inspectie van Volksgezondheid is het laatste jaar zeer alert geworden, als je nu iets vermoedt, moet je het al melden.Als ouders en verzorgers is er winst te behalen door de autonomie bij verstandelijk gehandicapten te vergroten. Praat met ze en probeer ze duidelijk te maken dat ze de baas zijn over hun eigen lijf. De hulpverlening moet ook een omslag maken: neem ze serieuzer en geef ze keuzemogelijkheden om ze weerbaarder te maken. Het is verschrikkelijk om bij cliënten te zien wat voor impact seksueel misbruik heeft. Maar slachtoffers, ook kinderen, hebben vaak nog wel de veerkracht om er overheen te komen, als ze goed worden behandeld.Een van de grootste problemen is het niet geloven van verstandelijk beperkte slachtoffers. Zo is er een mythevorming ontstaan rondom de zogenaamde rijke fantasie van deze mensen. Onze cliënten blinken nou niet bepaald uit in creativiteit, dus je hoeft vaak helemaal niet bang te zijn voor valse verklaringen. De moeilijkheid zit hem vooral in de communicatie. Er zijn veel misverstanden, wij begrijpen onze cliënten niet altijd goed. Daarom ben ik altijd op zoek naar mogelijkheden om mijn cliënten te begrijpen, zonder zelf meteen conclusies te trekken.’

Kennisoverdracht
‘Natuurlijk heb ik in al die jaren ook momenten gehad waarop ik dacht: laat ik maar gewoon gaan bloemschikken. Werken in de zorg vergt nu eenmaal veel van je. Maar dat zijn voor mij signalen om rust te pakken en nieuwe ervaringen op te doen, daarna kan ik er weer tegenaan. Zo heb ik samen met mijn man drie maanden met een rugzak door Zuid-Amerika gereisd. Ook het volgen van een studie kan hierin helpen, het kost veel energie maar je krijgt er nog meer energie van terug.’
In de loop der jaren ben ik me steeds meer bezig gaan houden met het overdragen van kennis. Veel instellingen voor verstandelijk beperkten wisten niet hoe ze met seksueel misbruik om moesten gaan en het is alleen maar goed als de kennis op dit gebied doorgegeven wordt. Hierdoor ben ik veel minder bezig met uitvoerend werk, maar dat past ook wel met mijn leeftijd. En mijn passie voor mijn werk is nog steeds onverminderd groot.’
‘Eigenlijk ben ik heel ongedurig. Maar als ik met mijn cliënten bezig ben heb ik alle geduld van de wereld. En juist omdat ik me zo betrokken voel bij hen, heb ik altijd gedacht: daar blijf je met je handen van af. Het zal niet lukken om seksueel misbruik bij verstandelijk beperkten uit te bannen. Maar ik blijf er wel naar streven.’

Dit artikel staat in Zorg + Welzijn Magazine nummer 7/8, juli/augustus 2008

Bron: Foto: Claudia Kamergorodski

Ephraïm Patty/Foto: Claudia Kamergorodski

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden