15 nov 2011

Nieuws

‘Vooroordelen over ouderen belemmeren participatie’


Gemeenten willen ouderen na hun pensionering zoveel mogelijk inzetten op maatschappelijke taken. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt echter dat er voor ouderen maatschappelijke belemmeringen bestaan om te kunnen participeren. Daar zouden gemeenten meer aandacht voor moeten hebben, zo stelt Liselot Godschalx, beleidsmedewerker zorg bij de gemeente Tilburg en als onderzoeker aangesloten bij de Universiteit van Tilburg.
‘Vooroordelen over ouderen belemmeren participatie’

-OPINIE- Maatschappelijke participatie van ouderen is belangrijk. Ouderen hebben vaak behoefte aan hulp en ondersteuning, maar vormen ook een groot potentieel aan leveranciers van informele zorg. De inzet van ouderen in de maatschappij draagt in belangrijke mate bij aan het gemeenschappelijk welzijn, het beteugelt de kosten voor zorg en welzijn van een vergrijzende samenleving, en het draagt bij aan het welzijn en de gezondheid van ouderen zelf. (Hinterlong 2008; Harvey and Thurnwald 2009)

Het is logisch dat overheden maatschappelijke participatie van ouderen omarmen als beleidsdoel. Met beleidsmaatregelen proberen gemeenten mantelzorg en vrijwilligerswerk door ouderen te bevorderen. Zo worden zij gestimuleerd om productieve werkzaamheden verrichten, bijvoorbeeld bij mensen thuis, in de wijk, of bij vrijwilligersorganisaties. De doelgroep kan zo voor een groot gedeelte haar eigen vragen om hulp en ondersteuning opvangen.

Uitsluiting
Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt echter dat negatieve gevoelens ten opzichte van ouderen in Westerse landen toenemen en dat ouderen daardoor vaker discriminatie ervaren vanwege hun leeftijd. (Van den Heuvel 2006) Dit heeft gevolgen voor de positie van ouderen in de maatschappij en de mate van hun maatschappelijke participatie. (Friedan 1993, Kruse en Schmitt 2006)

Van ouderen wordt vaak gedacht dat zij meer moeite hebben om voor zichzelf te zorgen. (Bugentahl en Hehman 2007, Hagestad en Uhlenberg 2005) Ouderen kunnen hierdoor moeite hebben om zelfstandig te blijven terwijl ze dat wel willen. Er wordt al snel professionele zorg ingeschakeld, terwijl men dat in feite niet nodig heeft. (Angus en Reeve 2006, Seale 1996) Dit tast de zelfstandigheid van ouderen aan en kan tot maatschappelijke uitsluiting leiden. 

Uitdaging
Naast het feit dat ouderen als kwetsbaar en zorgafhankelijk worden beschouwd, wordt een hogere leeftijd ook geassocieerd met verminderde capaciteiten en een minder waardevolle productieve bijdrage. Hierdoor blijven uitdagende maatschappelijke functies te vaak buiten bereik. Leeftijdsdiscriminatie in sollicitatieprocedures voor betaald werk is een bekend fenomeen, maar dat het ook plaatsvindt bij het werven van vrijwilligers voor onbetaalde functies is een minder erkend probleem.

Met name voor de hoger opgeleide babyboom-generatie zijn er weinig aantrekkelijke rollen om maatschappelijk actief te blijven.(Riley 1998) Deze generatie wil vaak lang betaald blijven werken, ook na hun pensioen. Ze maken zo mogelijk rond hun 50ste levensjaar een overstap naar nieuw werk dat zij persoonlijk belangrijk vinden, intellectueel uitdagend is, en dat zij ook na hun pensioenleeftijd kunnen doorzetten. (Freedman 2007) Wanneer het ouderen niet lukt om zo'n constructie voor zichzelf op te zetten, zijn ze aangewezen op het doen van vrijwilligerswerk. Uit een evaluatie van vrijwilligersprogramma's voor ouderen in de Verenigde Staten blijkt dat 46 procent van de deelnemende ouderen wel meer vrijwilligerswerk zou willen doen als het werk belangrijker en meer uitdagend zou zijn. (Wilson e.a. 2006) Ouderen komen blijkbaar niet terecht op vrijwilligersfuncties die voor hen voldoende uitdagend zijn. Veel vrijwilligerswerk is vooral uitvoerend van aard en sluit slecht aan op de kennis en ervaring die ouderen hebben.

Gemeentelijk beleid
Gemeenten moeten alert zijn op vooroordelen die de participatie van ouderen belemmeren. Het voorstellen van ouderen als kwetsbaar, afhankelijk en minder competent (bijvoorbeeld in beleidsnota's) leidt uiteindelijk tot maatschappelijke uitsluiting. Maatschappelijke participatie heeft niet alleen te maken met individuele keuzes van ouderen, maar vooral met bestaande maatschappelijke structuren. Heersende vooroordelen over ouderen hebben invloed, maar ook factoren zoals armoede, gezondheid, kwaliteit van huisvesting en verschillende omgevingsfactoren. Gemeenten dienen deze factoren in hun beleidsvorming te betrekken om resultaat te kunnen boeken. Alleen dan kan de mate waarin ouderen maatschappelijk actief zijn vergroot worden.


Liselot Godschalx is beleidsmedewerker zorg bij de Gemeente Tilburg en is verbonden als science practitioner aan Tranzo, centrum voor Zorg en Welzijn aan de Universiteit van Tilburg.


Bron: ANP-Photo

door Liselot Godschalx 15 nov 2011 laatste update:13 mrt 2012